Madison-obligatiefonds: verlies in het derde kwartaal door sterk stijgende rendementen
De klasse I-aandelen van het Madison High Quality Bond Fund behaalden in het derde kwartaal van 2026 een rendement van -1,88%, iets lager dan de Bloomberg Intermediate Government/Credit A+ Index, die 1,82% daalde. Volgens het fonds waren de stijgende rendementen op Amerikaanse staatsobligaties de belangrijkste oorzaak van de druk op obligatiekoersen. De voorzichtige positionering qua duration ondersteunde de relatieve prestaties, terwijl de positionering op de rentecurve een negatief effect had.
De inflatie in de Verenigde Staten bleef hoog en de Federal Reserve verhoogde in september haar beleidsrente met 25 basispunten naar 4,00%. Het rendement op 10-jaars staatsobligaties steeg met ongeveer 81 basispunten naar 5,29%, terwijl dat op 2-jaars obligaties met ongeveer 71 basispunten opliep tot 4,89%. Kredietspreads liepen licht op. Het rapport schreef de zwakte van obligaties met een investment-grade-rating vooral toe aan de rente en niet aan een verslechtering van de kredietkwaliteit.
Madison stelde dat hogere rendementen mogelijkheden bieden om het portefeuillerendement en de duration te verhogen, terwijl de voorkeur voor krediet van hoge kwaliteit behouden blijft. De vooruitzichten van het obligatiefonds wijzen op aanhoudende marktvolatiliteit en een mogelijk langer aanhoudend klimaat van hoge rentetarieven.
Bearish
Het rapport bevat geen directe katalysator voor cryptovaluta, maar de macro-economische signalen wijzen op korte termijn op een ongunstig beeld voor crypto. De renteverhoging van de Fed, de hoge inflatie en de scherpe stijging van de rendementen op Amerikaanse staatsobligaties duiden op krappere financiële omstandigheden en hogere rendementen op activa met een lager risico. Dat kan de vraag naar speculatieve posities, waaronder Bitcoin en andere digitale activa, verminderen en handelaren ertoe aanzetten hun hefboomwerking terug te schroeven. In vergelijkbare periodes, waarin centrale banken onverwacht een strenger beleid voerden en de obligatierente opliep, kwamen cryptoprijzen vaak onder druk te staan doordat markten de liquiditeit en de risicobereidheid opnieuw beoordeelden.
Het effect is niet zeker en hoeft niet blijvend te zijn. Crypto kan ook reageren op andere factoren, zoals institutionele geldstromen, nieuws over regelgeving en de positionering van de markt zelf. Op langere termijn kunnen aanhoudend hoge rentes de waarderingen drukken als ze de liquiditeit beperken; signalen dat de inflatie afneemt of dat renteverhogingen ten einde lopen, kunnen risicovolle activa juist ondersteunen. De brief van het fonds beschrijft de situatie op de obligatiemarkt, niet ontwikkelingen die specifiek met crypto te maken hebben. De negatieve inschatting is daarom een brede macro-economische gevolgtrekking en geen directe voorspelling van cryptoprijzen.